Op 9 december 2020 bereikten de Vlaamse meerderheidspartijen een akkoord m.b.t. de zogenaamde betonstop of bouwshift. Die betonstop werd al enige tijd geleden principieel vastgelegd in het "Beleidsplan Ruimte Vlaanderen". Daarin staat dat de overheid vanaf 2040 enkel nog bouwwerken zal toelaten in de al ingenomen ruimte. Versta: vanaf 2040 zal je niet meer mogen bouwen in de open ruimte die dan beschikbaar is.

Stolp over 12,000 ha woonreservegebied

De vorige Vlaamse regering struikelde over een concrete invulling van die betonstop. De financierbaarheid en administratieve haalbaarheid van de aangereikte instrumenten werd toen in vraag gesteld.

Met het nieuwe voorstel zet de Vlaamse regering een eerste stap richting betonstop. Ze doet dat door als het ware tot 2040 een stolp te leggen over 12,000 ha woonreservegebieden. De Vlaamse overheid geeft met haar nieuwe voorstel aan een gemeenten 3 opties om met de woonreservegebieden op haar grondgebied om te gaan:

  • optie A: de gemeente kan onder strikte voorwaarden (waterinfiltratie, gedeeld ruimtegebruik,….) en na een openbaar onderzoek beslissen om de woonreservegebieden toch te laten bebouwen.
  • optie B: de gemeente kan beslissen om voor 2040 een woonreservegebied te herbestemmen tot landbouw-, bos- of natuurgebied. Op dat ogenblik is het wel de gemeente die de eigenaren van de gronden in zo'n woonreservegebied aan marktwaarde moet vergoeden voor het waardeverlies dat ze lijden. Dat is goed nieuwe voor die eigenaars want in een vorig voorstel was slechts sprake van 80% van de verwervingswaarde maar het is wel slecht nieuws voor de gemeenten want die moeten bijkomende budgetten vinden.
  • optie C: de gemeente kan verkiezen om geen keuze te maken voor een bepaald woonreservegebied door tot 2040 systematisch bouw-en verkaverlingsvergunningen te weigeren. Vanaf 2040 zouden de gronden volgens het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen dan automatisch onbebouwbaar verklaard worden. De factuur komt dan wel niet meer bij de gemeenten maar bij de Vlaamse overheid terecht.

Het feit dat de gemeenten een beetje uit de lucht kwamen vallen bij het bekendmaken van het nieuwe voorstel, lijkt erop te wijzen dat ze niet mee aan tafel zaten bij de opmaak van het nieuwe voorstel van de Vlaamse regering. Je kan je ook de vraag stellen of gemeenten die door de huidige coronacrisis, de vergrijzing,… op budgettaire problemen afstevenen, nog veel zin zullen hebben om woonreservegebieden te herbestemmen tot natuur-of landbouwgebied.

De meerderheidspartijen maken zich sterk dat gemeenten dit toch zullen doen omdat er ook aan de planbaten gesleuteld is waardoor iemand die nu bijvoorbeeld zijn landbouwgrond in bouwgrond ziet veranderen een groter deel van de meerwaarde, nl. 25 tot 50% ervan aan de gemeente zal moeten afstaan. Door over die periode van 20 jaar een duidelijk beleid uit te werken zouden de gemeenten volgens de meerderheidspartijen dus in staat moeten zijn om een buffer aan te leggen voor de bijkomende kosten t.g.v. de betonstop.

Positief is dat er nu wel een akkoord is over een voorstel m.b.t. de betonstop maar dat wil niet zeggen dat er nog enkele hindernissen te nemen zijn. De tekst moet nu nog langs de verschillende adviesorganen (Raad van State,…) passeren en in de praktijk zal moeten blijken hoe juridisch waterdicht de stolp over zo'n woonuitbreidingsgebied is.