Werkgevers in de bouw die voor werken op het Belgische grondgebied een beroep doen op een in het buitenland wonende of verblijvende werknemer of zelfstandige zijn sinds 24 augustus 2020 verplicht (zie ministerieel besluit gepubliceerd op zaterdag 23 augustus 2020) om heel wat gegevens m.b.t. die werknemers of zelfstandigen bij te houden in het kader van het indammen van de COVID-19 epidemie.

Als werkgever ben je verplicht om van je buitenlandse werknemer of zelfstandige vanaf het ogenblik dat die persoon zijn werk in België start tot en met de 14de dag na het einde ervan, een geactualiseerd register bij te houden met volgende gegevens:

  • identificatiegegevens: naam, voornaam, geboortedatum, identificatienummer
  • verblijfplaats in België,
  • telefoonnummer van de buitenlandse werknemer of zelfstandige
  • de personen waarmee de werknemer of zelfstandige samenwerkt tijdens zijn werkzaamheden in België.

De gegevens mogen enkel gebruikt worden in de strijd tegen het coronavirus. Concreet zal de info doorgegeven moeten worden aan contactonderzoekers wanneer die mogelijke clusters van COVID-19 opsporen. Ook diensten en instellingen belast met het toezicht op de naleving van de verplichtingen opgelegd in het raam van de dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken, kunnen de gegevens opvragen. De gegevens moeten vernietigd worden 14 dagen na het einde van de werkzaamheden.

Passenger Locator Form

Als de werknemer of zelfstandige die in het buitenland woont of verblijft een Passenger Locator Form had moeten invullen (dus als hij of zij langer dan 48 uur in België verblijft), dan moet de werkgever of persoon, die tijdelijk op die werknemer of zelfstandige een beroep doet, vóór de start van de werken nagaan of de Passenger Locator Form effectief werd ingevuld, want anders mag die werknemer of zelfstandige zijn of haar werkzaamheden niet aanvangen.

Particulieren die een buitenlandse zelfstandige voor strikt persoonlijke doeleinden werken laten uitvoeren, worden niet onderworpen aan hogervermelde verplichtingen

Sectororganisatie boos

De Confederatie Bouw is behoorlijk boos dat ze niet werd geconsulteerd over de nieuwe maatregel. Ze is van oordeel dat de nieuwe maatregelen een arbitrair onderscheid maken tussen Belgische werknemers en de buitenlandse werknemers waarbij uitsluitende die laatste groep strikter opgevolgd moeten worden door hun werkgevers.

"Deze maatregel is dus volstrekt nutteloos en lijkt eerder te maken te hebben met het weren van buitenlandse arbeidskrachten dan met het bestrijden van het virus."

Joris De Fré, Directeur, Confederatie Bouw Provincie Antwerpen

Ondanks het gebrek aan overleg, is de nieuwe maatregel niet geheel onlogisch. Door de verschillende maatregelen die elke land neemt, is gebleken dat elk land op een ander moment zijn "tweede" golf doormaakt. Je kan dan maar beter als overheid een goed overzicht behouden op grensoverschrijdende verplaatsingen vanuit risicogebieden, of die nu voor recreatief of voor werkdoeleinden plaatsvinden. Ook het opvragen van bijkomende gegevens zoals de verblijfplaats van buitenlandse werknemers is niet onlogisch. Vaak overnachten buitenlandse werknemers of zelfstandigen met velen in weinig comfortabele omstandigheden die de verspreiding van het coronavirus versnellen. Als één van die buitenlandse werknemers besmet raakt en de overheid wil die cluster snel in de kiem smoren, dan kan zo'n gegevensregister een grote tijdswinst opleveren.