Elk jaar neemt Europa elk van zijn lidstaten onder de loep en beoordeelt hun economische en sociale situatie en de hervormingen die ze al of niet doorvoerden. Steevast worden er ook aanbevelingen geformuleerd op maat van de lidstaat. Alle info wordt gebundeld in een landverslag per lidstaat.

Eind februari publiceerde de Europese Commissie het landverslag voor België. Daarin staan ook enkele opvallende aanbevelingen m.b.t. de vastgoedsector.

Registratierechten te hoog

Europa tikt België op de vingers als het op registratierechten aankomt. Volgens cijfers van 2018 bedragen die belastingen 2.3% van het bbp waar dat in andere lidstaten gemiddeld maar 1% bedraagt. Die hoge belastingen zorgen volgens Europa voor een beperking van de arbeidsmobiliteit. Ook is het moeilijker voor een overheid om inkomsten in te schatten als die gebaseerd zijn op onvoorspelbare transacties. Ze pleit dan ook voor een verschuiving van transactiebelastingen zoals de registratierechten naar doorlopende onroerendgoedbelastingen zoals bv. de onroerende voorheffing.

Belasting op werkelijk betaalde huurinkomsten

Wie in België als particulier een woning verhuurt aan een andere particulier kan genieten van een gunstig fiscaal regime. Het zijn namelijk niet de werkelijke huurinkomsten maar 140% van de geïndexeerde kadastrale waarde die gebruikt wordt als belastinggrondslag. Die kadastrale waarde is al sinds lang niet meer herzien en bedraagt gemiddeld maar 20 tot 25% van de werkelijke huurinkomsten. De gerelateerde kosten zijn niet fiscaal aftrekbaar maar er geldt een standaardaftrek van 40%.

Europa berekende dat door die gunstige behandeling van huurinkomsten de overheid jaarlijks 0.15% van het bbp misloopt. Volgens Europa is het ook geen eerlijk systeem want meestal bezitten hogere inkomens meer vastgoed en omdat de personenbelastingen in België progressief zijn, profiteren de hogere inkomens veel meer van het feit dat de huurinkomsten niet in de personenbelasting belast worden.

Toch heeft Europa ook een positieve boodschap voor particulieren die vastgoed verhuren. Europa adviseert namelijk ook dat niet alleen financieringskosten voor de aankoop van vastgoed maar ook andere verhuur gerelateerde kosten fiscaal aftrekbaar zouden moeten zijn. Door onderhouds-en renovatiekosten aftrekbaar te maken zou het woningpark (sneller) duurzamer worden en zou de bouwsector extra gestimuleerd worden. Een economische en een ecologisch winst dus.