Vlaanderen schrapt tegen 2019 de vestigingsreglementering voor heel wat bouwberoepen. Eerder werd de registratiewetgeving al geschrapt.

Wat houdt die vestigingsreglementering concreet in?

Wie vandaag één van volgende elf gereglementeerde beroepen in de bouw wil beoefenen moet zijn of haar beroepsbekwaamheid kunnen bewijzen:

  1. ruwbouwactiviteiten
  2. algemene aannemingsactiviteiten
  3. elektrotechnische activiteiten
  4. stukadoor-, cementeer- en dekvloeractiviteiten
  5. installateur-frigorist
  6. tegel-marmer- en natuursteenactiviteiten
  7. dakdekkers- en waterdichtingsactiviteiten
  8. schrijnwerker (plaatsen/herstellen van schrijnwerk) of glazenmaker;
  9. algemeen schrijnwerk;
  10. eindafwerkingsactiviteiten (schilderen en behangen)
  11. installatieactiviteiten voor centrale verwarming, klimaatregeling, gas en sanitair.

Je kan je beroepsbekwaamheid bewijzen aan de hand van een relevant behaald diploma of het voorleggen van relevante praktijkervaring. Wie geen geldig diploma of onvoldoende praktijkervaring heeft kan nog altijd een examen afleggen bij de Centrale Examencommissie.

Afschaffing onder druk van Europa

Volgens Europa moet iemand die in het ene Europese land een gereglementeerd beroep uitoefent dat zonder probleem ook in een ander land kunnen doen. Vlaanderen redeneerde dus dat het afschaffen van de vestigingswet de beste manier was om Vlaamse bouwondernemers geen strengere regels op te leggen dan hun buitenlandse concurrenten. Vanaf 1 januari 2019 zal Vlaanderen de vestigingsreglementering voor hogergenoemde bouwberoepen dan ook afschaffen.

Bouwbedrijven en consumenten de pineut

De vraag is nog maar of de Vlaamse bouwsector hier beter van zal worden. In de praktijk zal iedereen een bouwbedrijf in één van hoger vernoemde specialiteiten kunnen opstarten zonder dat er ook maar iemand vooraf de beroepsbekwaamheid checkt. Alle sectororganisaties in de bouw vrezen dan ook voor een sterke toename van het aantal consumenten die schade zullen lijden in hun bouwproject.

Markant detail: leden van de Centrale Examencommissie getuigden onlangs dat nauwelijks 1 op 7 van de kandidaten voor het examen van één van de gereglementeerde bouwberoepen slaagt. Als die overige 86% van de kandidaten straks wel aan de slag gaan dan belooft dat niet veel goeds. Wat zal een consument ervan denken als bij de keuring van zijn elektrische installatie blijkt dat zijn elektricien niet zo veel afwist van het Algemeen Reglement op de Elektrische Installaties (A.R.E.I.)?

Ook de Vlaamse bouwbedrijven zullen vermoedelijk een negatieve impact ervaren. Vooreerst is er de toegenomen (ongezonde) concurrentie en in tweede instantie zijn de Vlaamse bouwbedrijven benadeeld t.o.v. hun Brusselse en Waalse collega's. In die gewesten zal men de vestigingsreglementering niet afschaffen en hoewel er een wederzijdse erkenning van beroepskwalificaties tussen EU-lidstaten onderling geldt, geldt die niet tussen de gewesten in België! De toegang van Vlaamse bouwbedrijven tot de Brusselse en Waalse markt riskeert dus moelijker te worden.