Even ter opfrissing: op 1 juli 2018 trad de verplichte tienjarige aansprakelijkheidsverzekering voor aannemers in werking. De wet verplicht aannemers (maar ook architecten en studiebureaus) om een verzekering aan te gaan die hun tienjarige aansprakelijkheid dekt bij het bouwen van een woning.

Wat moet er juist verzekerd worden?

De wet verplicht in het verzekeren van de aansprakelijkheid voor gebreken die de stabiliteit van het gebouw of van een belangrijk onderdeel ervan aantasten of kunnen aantasten. Ook voor gebreken in de waterdichtheid van de gesloten ruwbouw geldt die verzekeringsplicht maar enkel voor zover die gebreken de soliditeit of de stabiliteit van de woning in gevaar brengen.

Vooraleer de aannemer aan de werken mag beginnen moet hij een verzekeringsattest geven aan de bouwheer en aan de architect. Indien nodig moet de architect het verzekeringsattest opeisen.

Via een reparatiewet werden al enkele aanpassingen aan deze recente wet doorgevoerd:

  • de aannemer moet niet langer het verzekeringsattest overhandigen aan de RSZ
  • in geval de bouw gefinancierd wordt door een krediet, is de bouwheer niet langer verplicht om de verzekeringsattesten van alle architecten, aannemers en andere dienstverleners uit de bouwsector betrokken op zijn werf aan de  kredietgever te overhandigen.
  • er komt een register van verzekeringsattesten.

Register van verplichte verzekeringsovereenkomsten

Om makkelijk na te kunnen gaan of een bouwprofessional een verplichte aansprakelijkheidsverzekering heeft, komt er een register. De verwerkingsverantwoordelijke van dat register of dus de beheerder van dat register is Assuralia, de Beroepsvereniging van de Verzekeringsondernemingen. Het betreft dus een register van verzekeringsattesten met per attest volgende gegevens

  1. het type van verzekeringsdekking;
  2. het nummer van de verzekeringspolis;
  3. het bedrag van de waarborg per schadegeval voor het totaal van de materiële en immateriële schade;
  4. de naam, het logo en het registratienummer van de verzekeringsonderneming bij de Nationale Bank;
  5. het adres van de maatschappelijke zetel van de verzekeringsonderneming;
  6. de contactpersoon bij de verzekeringsonderneming;
  7. de handtekening van de persoon die de verzekeringsonderneming vertegenwoordigt;
  8. de namen en voornamen van de verzekerde indien het gaat om een natuurlijke persoon;
  9. de bedrijfsnaam, indien het gaat om een rechtspersoon;
  10. het kantooradres van de verzekerde of zijn maatschappelijke zetel, indien het gaat om een rechtspersoon;
  11. het btw-nummer van de verzekerde of zijn ondernemingsnummer, indien het gaat om een rechtspersoon;
  12. de verzekerde activiteit;
  13. het adres van het betrokken onroerend goed;
  14. de aard van de uitgevoerde werken;
  15. de kadastrale gegevens;
  16. de verwijzingen naar de stedenbouwkundige vergunning;
  17. de datum van afgifte van de stedenbouwkundige vergunning;
  18. de vermelding dat de dekking voor een periode van 10 jaar vanaf de dag van aanvaarding van de werken geldt;
  19. de overdraagbaarheid van het attest;
  20. de uitsluitingen en de vermelding dat de uitsluitingen voorzien door de wet van 4 april 2014 van toepassing zijn;
  21. de overeenstemming van het attest met de wet;
  22. de datum.

Het is de verzekeraar die de attesten aan het register doorgeeft. Architecten, notarissen en bestuurlijke en gerechtelijke overheden zullen toegang krijgen tot dat register. Bouwheren en aannemers krijgen geen toegang.

Welke bouwprofessionals moeten zich verzekeren?

Minister Kris Peeters gaf intussen ook al enkele verduidelijkingen over bepaalde aspecten van de recente wetgeving. In de wet staat dat de verzekering beperkt is tot de soliditeit, stabiliteit en waterdichtheid van de gesloten ruwbouw, wanneer deze laatste de soliditeit of de stabiliteit van de woning in gevaar brengt.  Maar wat moet je nu juist verstaan onder "gesloten ruwbouw".

"Gesloten ruwbouw slaat op de dragende elementen die de stabiliteit of de stevigheid van de woning uitmaken (funderingen en dragende structuur = ruwbouw), alsook de elementen die de woning wind- en waterdicht maken (buitenschrijnwerk en dak = gesloten maken van de ruwbouw).
Gelet op het voorgaande kan gesloten ruwbouw als volgt gedefinieerd worden: “de elementen die bijdragen tot de stabiliteit of de stevigheid van het bouwwerk alsook de elementen die voor de “wind- en waterdichtheid” van het bouwwerk zorgen”.

Kris Peeters, Minister van Werk, Economie en Consumenten

Daarnaast wordt er in de wet ook niet zwart op wit gezegd wie zich nu wel of niet moet verzekeren: moeten installateurs van ventilatiesystemen, centrale verwarming, elektriciens,… die verder werken aan de gesloten ruwbouw, zich ook verzekeren op basis van de wet?

" Concreet betekent de definitie (van gesloten ruwbouw) dat technieken en afwerking niet onder het beoogde begrip van gesloten ruwbouw vallen. Aannemers die deze werken uitvoeren, zoals de parketplaatser, de schilder, de loodgieter, de elektricien enzovoort, nemen geen deel aan de realisatie van de gesloten ruwbouw en zijn dienvolgens niet onderworpen aan de verzekeringsplicht. Enkel de aannemers, architecten en andere dienstverleners in de bouwsector die prestaties of werken uitvoeren die de gesloten ruwbouw realiseren zijn onderworpen aan de verzekeringsplicht."

Kris Peeters, Minister van Werk, Economie en Consumenten

Installateurs van ventilatiesystemen, centrale verwarming, elektriciens,… moeten m.b.t. 10 jarige aansprakelijkheid dus geen verzekering afsluiten. Let op, dit neemt niet weg dat zij wel aansprakelijk blijven voor schade die zij eventueel berokkenen door hun fouten.